Vertaal deze website

Skadi World Tour
Zeilschip Skadi
 
Kasteel uit de 14e eeuw

31 augustus Ile d'Yeu's kusten

Mocht het toch nog ankerweer worden dan zouden we met de Skadi naar de ankerhaven vertrekken. Maar het loopt anders: Annelies is niet in topvorm door een infectie waardoor we de ochtend "langzaam aan "doen en aankijken of Annelies wat herstelt. Vroeg in de middag geeft Annelies het ja-sein om te gaan fietsen en we rijden op deze mistige maar warme dag naar de noordwestkant van het eiland. De fietsjes doen het weer goed heuvel op met electra. Het is bosrijk, gemengd dennen en loofbomen en grote varens. Bos staat aan strand dat oranje-achtig van kleur is. Van noordoost rond naar zuidwest komen we prachtige kliffen tegen met piepkleine strandjes ertussen. Afgebrokkelde rotspartijen liggen in kloven boven water waar de zee kabbelt. Over de rotsen is een landchap onstaan met grassen mossen, doornstruiken en vetplanten. We bereiken de ankerplaats waar we niet zijn gaan liggen en zien wel hoe mooi hij is, speciaal nu na het hoogseizoen. Aanrader dus : Plage des vieilles!

Men verft hier de huizen wit en de luiken zijn net als in Bretagne lichtblauw lavendelkleur. Deze,veelal, vakantievilla's staan stil in het bos, de toeristen zijn vertrokken.

Als we aan de noorwestkant van het eiland aankomen raken we onder de indruk van de zee die op de rotskust beukt. En dit is een rustige dag.... Ook wandelaars nemen de tijd voor dit schouwspel van de zee. Veel facetten van gesteenten, flora en divers landschap kent dit eiland. Vanaf elke hoek is het zicht op kust en zee schitterend.

Dit eiland in de Vendée, dat 20 kilometer van het Franse vasteland ligt en 23 km2 groot is, en gelegen is ter hoogte van St.Giles Croix de Vie, is misschien wel het mooiste Franse eiland. De authentieke sfeer is goed bewaard gebleven met zijn 20 kleine dorpjes met sfeervolle witte huisjes. Vervoer wordt hier amper met de auto gedaan, er zijn veel fiets- en wandelwegen van zand en grind en er rijdt 1 bus. Rotsen, kliffen prachtige zandstranden, en duinen, een eiland met vele gezichten. Een niet te missen plaats van de woeste kust is het Oude Kasteel, een burcht uit de 14e eeuw die recht op de zee uitkijkt, en die Hergé geïnspireerd heeft bij zijn bekende stripverhaal het Zwarte Eiland. Een edelsteen in de Atlantische oceaan.

 

 
Skadi in Joinville

30 augustus, van Pornic naar Ile d'Yeu : 4 seizoenen op een zeiltocht

Wat een prachtige dag wederom. Mooi motorweer en hopelijk straks het zeil erop als we om het schiereiland Noirmoutier varen. We besluiten in een grote cirkel om de rotsen van Noirmoutier heen te varen want het is laag tij aan het worden plus springvloedtij en dat zou flink opletten worden op de dieptemeter, als we bij de rotsen komen, leuk spannend, maar daar hebben wij geen zin in.

Jeetje wat word het lekker warm, van lieverlee gaan er steeds meer kleren uit totdat rond de klok van enen, wat laaghangende bewolking de zon doet temperen. We varen een nevelachtig gebied in en het wordt steeds grauwer. ,, Dat wordt straks regenen..."zegt Peter. Annelies staat te rillen en trekt weer lagen kleding aan zelfs de thermo-legging komt onder de jeans. Het zeilpak wort toch ook maar klaargelegd en mooi op tijd ook want de wind draait van oost Bft 2 naar zuidoost Bft 4 en dan 5 met stoten 6. Peter juigt: Skadi-weer! en de boot vliegt door het water.

Dan zien de golven snel veranderen van zachte deining naar golven van een meter. In de wind zijn de golven heel snel aan het opbouwen. Annelies stuurt ook een uur, van zeeziekte geen spoor. Peter neemt het over om schuiner door de golven te varen en de klappen beter op te vangen.

Met de oostenwind kunnnen we niet rechtstreeks naar de haven toe (niet bezeild) dus we moeten een slag naar buiten maken gevolgd door een slag naar binnen (zie logboek onderaan deze pagina). Het is flink nevelig, klam vochtig met onverwacht hoog opbouwende golven en het doet ons besluiten de motor aan te doen en de haven van Jointville zo snel mogelijk op te zoeken. Aanvankelijk plan was om te ankeren aan de zuidkant van Ile d'Yeu, maar dat gaat al helemaal niet door. Dichtbij de haven zien we meerdere schepen hun toevlucht nemen tot de haven. Het is "niets lekker"buiten. Als we een half uur in de haven liggen barst de regen echt los en 's nachts bliksemt en stortregent het van 3 kanten.

In Nederland is het blijkbaar eender, we vernemen later van Frank Brinkhuis, onze buurman, dat thuis de garage en de werkkamer in de kelder blank staan door de zware regenval. Frank heeft de hele nacht gedweild.

 
Fietsen rond Pornic

29 augustus, Pornic fietstocht Jadekust

Het is een prachtige dag, het zomergevoel heerst alom, ook bij ons. We hebben nog niet zoveel zomer gehad met geen kil windje en temperatuur boven de 22 graden, vandaag wel. De luxe van het niet hoeven, maakt de ochtend heel relaxt, met het proberen bij te werken van de site maar internet is hier heel slecht. Aan het eind van steiger F is er geen internet. Af en toe waait internet over maar dat duurt een paar minuten. De tijd vliegt met het zoeken van informatie over je omgeving, het weer op zee, je bankopdracht doen, thuis is alles zo snel en vanzelfsprekend. Gaat niet lukken vandaag. Laat het los en ga fietsen.

Met de met moeite verkregen kaart van de omgeving (zie bijgewerkt verhaal van gisteren) gaan we de kustroute zoeken. De weg leidt door een rommelige maar mooie kustomgeving, dennen en huizen en volop mensen die langs de weg een parkeerplaats zoeken om naar het strand van Pornic te komen. Het lijkt Kijkduin wel in hoogzomer. (Als Haagse weet Annelies dan nog steeds een geheime lege plek te vinden..) Een fietspad is er niet maar in tegenstelde richting aan de linkerkant is een witte streep op de weg waar we langs mogen fietsen terwijl auto's inparkeren, gezinnen en jongeren  onachtzaam naar het strand wandelen. Sommige auto's gaan de streep in de bocht ruim en met grote snelheid over, het blijft oppassen.

Na wat zoeken tussen weilanden en dor grasland over grintwggetjes, vinden we geen strandjes, zoals gehoopt, uiteindelijk nemen we een duinvoetpad, en komen de strandjes wel tegen waarboven we fietsen tussen struiken, waar wolken muggen dwarrelen. ,, Deze soort steekt niet hoor", zegt Peter. Ja,ja...

We ontdekken strandje Port Meleu nadat we met de fiets een stukje door een strandje en aangrenzen campingveldje hebben geploeterd. Port Meleu is het begin van een blijkbaar bekende wandelroute, er komen wandelaars in bergschoenen kijken naar het uitzicht. We besluiten op het strand te lunchen en dat wordt meteen de eerste duikt in de Atlantische Zee. Peter neemt meteen een duik.Annelies is niet zo van het zee zwemmen maar als een Engelse dame zich niet laat remmen door grint en wier waar je eerst doorheen moet lopen, besluit Annelier dat een afkoeiling toch wel prettig is. Als we onze lunch daarna uitpakken moeten we verkassen want de vloed overvalt ons en ook de Engelse dame die gestrekt ligt en een gil geeft als het zeewater onverwacht tot aan haar middel komt.

We fietsen door naar Pointe Gildas waar veel wandelaars uirusten van hun tocht en waar je een mooi uitzicht hebt over de rotsen aan de Jadekust.

Veel verder willen we niet gaan, de moerassen in het noorden willen we vanwege de muggen niet bezoeken en we keren huiswaards via de haven en via rustig en lieflijk stranddorp Prefailles.

 

 
Zeepaddestoel

28 augustus, van La Turballe naar Pornic, 28,3 mijl

Atlantische hoeden in het water, zo zien de enorme kwallen eruit.

We vertrekken om 11.00 uur naar Pornic, het is een prachtige zonnige dag, na 5 dagen storm tot windkracht 10 en aanhoudende regen. Geen dolfijnen maar we worden opeens omringd door de reusachtige kwallen. Uit het niets doemen ze op. Ze zijn wel een meter lang. Helaas blijft de vishaak en Paravaan van Peter in een kwal hangen en breekt af.

De zeepaddenstoel wordt ook wel bloemkoolkwal genoemd. In tegenstelling tot de andere soorten is het een bolle kwal, met een blauwe kleur. Ze kunnen zo groot als een voetbal worden. Deze kwal heeft geen tentakels. Zijn acht vangarmen zijn wel goed zichtbaar. Deze hangen vanaf de mondopening naar beneden en zien eruit als een bloemkool. Zeepaddenstoelen steken niet.

Aangekomen in Pornic fietsen we naar het met toeristen overspoelde stadje. Mensen steken plotseling straten over, te veel auto's, kinderwagens op zebra's, wandelenden boulevard bezoekers waar je niet langs komt en ook nog een hoogst onvriendelijke mevrouw van het Tourist Office, eentje die het na 3 maanden wel gehad heeft met toeristen en juist bij ons even uit haar dak gaat. Viva La France.

Annelies ontgaat totaal het plezier en wil nog maar 1 ding: terug naar de rust op de boot die in zijn eentje aan Ponton F ligt afgemeerd, aan het eind van de steigers rustig achter de haveningang. Peter zegt: volgens mij eindigen wij op een Atol, gewoon met zijn tweetjes, als je die drukte nu al zat bent.

De Skadi ligt uit de wind in de zon en die schijnt vandaag op het achterdek tot 20.30 uur.

Pornic heeft zich ontwikkeld rond de haven. Oorspronkelijk was het slechts een bolwerk van 7 hectare, maar met de annexatie van het domein Monplaisir werd het oppervlakte verdubbeld en vervolgens werden de 15 hectare van de stad Sainte-Marie-sur-Mer in 1791 toegevoegd. Met de annexatie van Sainte-Marie en Clion-sur-Mer, werd het totaal 153 hectare rond de haven, en door de fusie met de twee aangrenzende gemeenten in 1973 werd de stad meer dan 10.000 hectare groot.

In de 17e eeuw was de kust de bakermat van de visserij op kabeljauw.

Pornic is bekend om zijn kasteel in de oude haven. Je kunt er op een vlonder door de haven om het hele kasteel heen lopen. De aangrenzende oude binnenstad met de oude markthallen heeft hier en daar trappen en stijgende en dalende straatjes, want Pornic ligt op graniet rotsen. Pornic heeft hierdoor een Bretonse uitstraling. Sterker nog; tot in de jaren 60 maakte het deel uit van Bretagne en was Nantes tot die tijd de Bretonse hoofdstad.

In tegenstelling tot veel badplaatsen leeft Pornic het hele jaar door. Er is voor iedereen wel wat te zien en te doen.

Vanuit de haven lopen de smalle straten terug naar het dorp. Op deze heuvel zijn de huizen gebouwd voor zeelieden, timmerlieden schipbouwers, touwslagers, tuigage en zeilenmakers. Na verloop van tijd is de haven dichtslibt.

De hydrotherapie die zich rond 1930 ontwikkelde, door de geneestkrachtige werking van de ijzerhoudende waterbronnen, die 20 jaar eerder waren ontdekt, maakte het voor Pornic mogelijk om de charme van een badplaats en dat van een spa te combineren  De stad ontwikkelde rond de haven hotels, casino's, badhuizen en villa's. Deze zijn omgeven door prachige tuinen, die het uiterlijk van de granieten rots, genaamd Barrens, welke overdekt was met gaspeldoorn,veranderde. In 1836 wordt de plaats Gourmalon, op de linkeroever van de haven bij Pornic gevoegd. Daarmee werd een district van  burgerlijke villa’s met een zeer specifieke oorspronkelijke architectuur geboren.

 
Regen in La Turballe.JPG

27 augustus, te veel regen

We overwogen gisterenavond om vandaag naar Pornic te varen i.p.v. een bezoek aan de Middeleeuwse stad Guerande, wiens charme ons opeens was opgevallen tijdens de busrit terug vanaf St. Nazaire, maar het stroomt van de regen. Op Windyty blijkt dat wij precies in een, vanuit Biskaje komende, hele smalle strook regen liggen terwijl de rest van Europa droog is.

Het is 16 graden, sommige mensen blijven hardnekkig is korte broek lopen, Annelies is blij dat ze laarsjes bij zich heeft en de Hollandse regenjas. Peter loopt in..... slippers zoals we gewend zijn. Odin kruipt onder een deken, Freija heeft 1 poot op de kunstgrasmat gezet en is even op het schuifdak van de kuip geklommen, maar vindt er niks-an. Ze kruipt eveneens in haar mandje. Meerdere Fransen hier, die op terugweg zijn naar hun thuishaven zijn, blijven liggen.

We besluiten dan toch vandaag een bezoek te gaan brengen aan Middeleeuws stadje Guerande als het wat minder gaat regenen.

Naast de Wifi heeft nu ook de electriciteit het begeven in de haven,( de monteur komt waarschijnlijk na zijn lunchpauze die over een half uur begint en 2,5 uur duurt ) haren föhnen gaat-um dus niet worden. Dan misschien schoenen kopen? Helaas de winkels zijn dicht tot 14.30 en de bus rijdt in de pauze maar 1 x per 1 uur en 40 minuten. Wat hebben we het met zijn allen toch goed in Nederland. Gelukkig hebben we gisterenavond water getankt, in geval dat ook tijdelijk niet geleverd wordt. Buiten staat wel al een emmer regenwater.

 

 
Het U-Boot bunkercomplex in St Nazaire

26 augustus, St Nazaire

Vandaag, na een stormachtige dag met constant gefluit van de wind tussen de masten in de haven en een nacht met de katten die ook storm in hun hoofd hadden, vroeg opstaan d.w.z. 07.45uur, vorig jaar deze tijd zat Peter al 2 uur in de trein en Annelies was op weg naar haar werk met het autootje.

De katten (zucht)...Odin mauwt al 2 ochtenden tussen 05.00 en 06.00. Gisteren is Annelies gaan kijken nadat het gemauw niet om aan te horen was en de hele tent lag overhoop, zijn deken op de voerbak. Vanmorgen waren de kussens van de zitbank (moet je toch kracht voor hebben want ze zitten met klitteband vast) eraf getrokken en was inhoud van kastjes eruit gehaald. Annelies riep : ben je nou helemaal gèk geworden! en ze stoven uit elkaar, Freija onderdanig plat en respectvol opkijkend en Odin met ogen van : ik weet van niks, in een hoek.

We verlaten de boot in geordende staat op 09.20 om de bus naar St.Nazaire, stad van scheepsbouw en luchtvaartindustrie, te nemen. Onderweg komen we langs de prachtig gerestaureerde stadsmuren van de citadel van Guerande. Het lijkt Carcassone wel.

In St. Nazaire lopen we vanaf La Gare naar de haven, en de eerste indruk is dat dit weer een typische na-oorlogse in de jaren vijftig herbouwde stad is, zonder wezenlijk hart en het enige dat is overgebleven van vroeger is de naargeestige enorme U-boot bunker.

Direct na de val van Frankrijk, neemt de Duitse Kriegsmarine haar intrek in Saint-Nazaire. Als in oktober blijkt dat de Slag om Engeland in de lucht is verloren voor de Duitsers, krijgt de Duitse marine de opdracht om het eiland te isoleren. Grote aantallen duikboten, de U-Boote, zwermen uit om bevoorradingsschepen onderweg naar Groot Brittannië te onderscheppen. Saint-Nazaire is één van de vijf havens aan de Franse kust die voorzien wordt van een enorme bunker om de duikboten in onder te brengen voor onderhoud en bevoorrading. In maart 1941 wordt begonnen met de bouw. Tegenover de oude oostelijke sluis wordt eerst een damwand geslagen. In totaal worden er 14 ruimtes gecreëerd waarin 20 U-boten kunnen worden ondergebracht. 

De enorme bunker heeft een breedte van 299 meter en is 124 meter diep, met een hoogte van 18 meter. Opvallend is de dakconstructie. Om deze bomvrij te maken worden er verschillende lagen aangebracht. Tot juni 1944 wordt aan het dak gewerkt. Van dok 1 tot en met 6 was het dak gereed. Hier werd een laag van half ronde betonnen liggers aangebracht om een eventuele bom tussen te vangen. Door al deze lagen beton liep de dikte van het plafond op sommige plekken op tot 8.75 meter!

In totaal werd er 480.000 m³ beton gestort. De dokken konden allen worden afgesloten, waarbij de dokken 1 tot en met 8 waren droogdokken. In de dokken 9 tot en met 14 konden twee duikboten naast elkaar afmeren. Het complex werd gebruikt door 7de U-Boote Flotilla uit Kiel vanaf januari 1941 en het 6de Flottila uit Danzig vanaf februari 1942.

We bezoeken de onderzeeer Espadon, de eerste Franse duikboot die onder het Noordpool-ijs is doorgevaren. Een audio-visuele tocht door de claustrofobische duikboot geeft een indruk van het leven aan boord van 65 mannen....

 

 

 

25 augustus, La Turballe in de storm

Vandaag hebben we een Pyamadag zoals Annelies het omschreef in een appje naar de whatsappgroep "Tiramisu" (Groep samen met de Twixx - Rob en Brgitte Oost - en de Chimo - Leo en Maaike Roelofs), vertrekkers die we in Cherbourg hebben ontmoet en waar we eind mee zijn opgevaren.

Ook hebben we dus weer genoeg tijd om de site bij te werken en wat klusjes aan boord te doen zoals de douche afvoer ontstoppen, de V-Snaar van de motor te spannen en de vloer te dweilen. Tja je moet wat in dit noodweer!!!

Ook is er tijd genoeg om een Peren Flan te maken door Annelies. Nadat deze klaar staat om in de over te zetten likt ze alle gereedschappen af - mixergardes, pan en vingers - onder het mompelen van: "hier wordt je dik van". De weegschaal zal het uitwijzen!

 

 
Rotskust bij storm 9 Bft

24 augustus La Turballe in de storm

De afgelopen nacht zijn we door de storm en stortbuien redelijk wakker gehouden en in de loop van de ochtend trekt deze aan tot windkracht 9 - 42,8 Knopen wind in de haven gemeten - met veel regen. De Bimini staat nog uit en met behiulp van een aardige Franse buurman rollen we deze op.

Dit weer nodigt thuis en hier uit om naar de zee te kijken en we nemen maar even wat foto's van de golven. Daarna zoeken we de Laverie en doen ook weer eens de tijdrovende was. Op twee oude geketende plastic stoelen ( iemand zou ze misschien wel willen stelen...) zitten twee Franse dames te wachten tot hun wasjes klaar zijn. Gezellige tantes van 70 met blond respectievelijk rood geverfd haar, en ons wordt in rap Frans verteld dat wij nog niet aan de beurt zijn want "un monsieur" heeft daar zijn tas wasgoed al neegezet en hij kan ieder moment terugkomen. Dit wordt nog eens herhaald en de buurvrouw bevestigt dit ook 2 keer. Gelukkig is het ons nu 4 keer verteld zodat we nu alle zinnen bij elkaar hebben en begrepen hebben. Een van de dames komt ook nog even aanwijzen welke machine het snelste klaar is , maar ja, wij moeten nog wel wachten tot de monsieur zijn was heeft gedaan. Annelies zegt: Vous parlez très vite.. De blonde tante zegt: Mais oui oui oui en knikt er instemmend bij maar het volgende verhaal gaat net zo snel. De wasmachine wil niet open en de dames alsmede Peter en Annelies buigen zich over het technische probleem, waarbij de dames tegen elkaar 4 x vertellen hoe vreemd het is dat de machine niet open gaat en Peter en Annelies een paar minuten veiligheidsslot incalculeren. Dit zeggende tegen de gezellige tantes wordt daar bij geknikt oui oui oui maar het is toch wel vreemd want die ander opende wel en ze gaan er met elkaar over in discussie.

La Turballe is een relatief jonge stad, die pas in 1865 is gesticht maar de geschiedenis van de stad is veel ouder.  Tot aan het begin van de negentiende eeuw was het grootste deel van de bevolking geconcentreerd in een cluster van dorpen op de terrasvormige heuvels als losse agglomeraties maar wel als een gemeenschap.

Deze dorpen, een tiental, zijn nu nu wijken van La Turballe en zijn verdeeld over de scheidslijn tussen de twee belangrijkste aandachtsgebieden van de activiteiten van het grondgebied: de agrarische zone op het plateau, de kwelders aan de voet.

Deze twee sectorenvormen gezamenlijk het grootste deel van de beroepsbevolking. veerlal zoutarbeiders en boeren.  Op dit moment is La Turballe nog steeds een dorp van een paar visfamilies.

La Turballe had geen grote haven maar slechts een bescheiden vissershaven. Maar in de negentiende eeuw zag La Turballe zijn echte uitbreiding met de ontwikkeling van de conservenindustrie. Toen in Nantes de eerste sardines conservenfabrieken werden opgericht, werd in La Turballe de eerste conservenfabriek op de visgronden ingericht in het begin van de twintigste eeuw.

Wifi blijft ook hier weer een probleem, soms is er verbinding maar meestal niet. We denken dat door de harde wind de Franse Wifi signalen afbuigen en niet bij de Skadi kunnen komen. Verzin het maar....

Havenverhaal:

De Bezoekers plek in de Marina is een vierkant van steigers waar je als Passant aan moet leggen, 2 of 3 dik. In het midden is een klein steigertje wat geen verbinding heeft met de kant. Er liggt daar een Etap 23 en soms zien we een hoofd uit het luik van een triest kijkende meneer. Zo te zien heeft hij geen Dinghy en we denken dat hij inderdaad 2 dagen moederziel alleen op zijn bootje heeft gezeten zonder aan de kant te kunnen.

 
Zout pannen bij La Turballe

23 augustus, La Turballe

 

's Middags gaan we toch maar lekker op de fiets naar Piriac om hier wat van de kust te zien. Het fietspad loopt niet vlak langs de kust vanwege de direct aan de kust gebouwde villa's (goede plek natuurlijk) en pas bij Piriac zien we weer het strand.

Piriac is een "kleine stad van karakter" en nodigt uit om te ontdekken. Het dorp is de thuishaven van oude granieten huizen, sommigen meer dan 300 jaar en het heeft bekende schrijvers geInspireerd, zoals Zola, Daudet of Flaubert. Het heeft een doolhof van kronkelende straatjes, steegjes en pleinen met mooie bloemen, hortensia's en stokrozen.

Aan de 9 km lange kustlijn zijn,door de grillen van de oceaan, bogen van zandstranden, baaien en kliffen gevormd. Er zijn kustpaden die uitnodigen te wandelen, een vissershaven en een jachthaven.

Annelies had iets gelezen over een kerkje in Trescalan waar je vauit de toren zicht hebt op de Loire delta en de Vilaine delta.

 Na wat zoeken vinden we het kerkje. 

In de 17e eeuw liepen de mensen van  La Turballe, Trescalan, Clis ... door weer en wind naar religieuze diensten in Guérande, meestal te voet, op slechte onderhouden wegen.

In 1698 stelden de dorpelingen van Trescalan een petitie op om een kapel te bouwen op de top van de heuvel. De kapel werd gebouwd en gewijd aan Onze Lieve Vrouw van Barmhartigheid. Elk jaar, op de avond van 22 september wordt er een Rozenkrans gebeden en wordt er een speciaal lied is ter ere van de heilige gezongen.

Anne van Bretagne hield van de Guerandaise grond. In 1505 gaf ze een genadegift door het aanbieden van drie kronen als lelies die eeuwenlang gedragen werden door de bruiden van Blanc land.

Guérande werd versierd met een gouden kroon, Saillé met een zilveren en  Trescalan en een verguld koperen kroon. De eerste twee zijn verdwenen tijdens de revolutie, maar van Trescalan bestaat nog steeds. De geschiedenis leert ons dat deze kroon van de 15e eeuw werd gerestaureerd in de 19e.

Door de eeuwen verslechterde de staat van de kapel en werd onbegaanbaar. In 1852 werd de huidige kerk gebouwd op de plaats van de oude kapel. Er wordt gezegd dat de kinderen van de broers die werkzaam waren op school Kérigeole, geholpen om de kerk te bouwen door hun vrije tijd, de stenen in een wagen met 4 wielen aan te voeren.

De toren met een hoogte van 33 meter boven de grond is  45 meter boven het niveau van de zee.In het oorspronkelijke gebouw werd de toren in de top afgewerkt door een koepeldak .

Vanaf het platform heb je bij helder weer een compleet overzicht van het landschap dat zich uitstrekt van de monding van de Loire tot dat van de Vilaine op zee en kunt u het grote Briere zien. Om dit platform te bereiken moet je de trap van 110 stappen beklimmen.

Na het betalen van wel 1 Euro entree krijgen we een privé gids mee, een jongen van ca 16 jaar die ons in snel Frans en gebrekkig Engels uitleg geeft over de historie van de kerk en over het uitzicht vanaf de toren.

Door het landschap fietsen we naar de Salines, de zoutvelden ten zuiden van La Turballe, nabij Guerande.

Fleur de sel (letterlijk zoutbloem) is een speciaal soort zeezout met een fijne kristalstructuur. Fleur de sel wordt ook verkocht onder de naam Keltisch zeezout.

De winning vindt plaats in twee stappen. De eerste keer wint men alleen de bovenste laag van het gekristalliseerde zout van de zoutbekkens. Dit handwerk is tijdrovend en per vierkante meter kan men slechts enkele grammen winnen (afhankelijk van omstandigheden). Omdat het zout is dat nog maar net gekristalliseerd is heeft het een fijne kristalstructuur. Vervolgens wint men bij de tweede keer het grove zout, dat is het lagergelegen zout met grotere kristallen vlak bij de bodem. Na winning wordt het zout nog gedroogd. Maar de droging is niet volledig. Fleur de sel behoudt nog zo’n 5% vochtigheid, wat ook bijdraagt aan het karakter. De gunstige omstandigheden voor het winnen van fleur de sel zijn slechts gedurende een maand per jaar aanwezig (van half juli tot half augustus op het noordelijk halfrond).

Fleur de sel is zeer wit. Het grove zout, de “gros sel” dat in dezelfde zoutpannen gewonnen wordt is enigszins grijs door de kleideeltjes van de bodem van de zoutpan die ook in het zout terechtgekomen zijn.

Vastgesteld is dat in fleur de sel een extreem halofiele microalg voorkomt, de Dunaliella salina, een microalg die in extreem hoge zoutgehaltes kan overleven. Deze bacterie zou verantwoordelijk zijn voor de lichtroze tint en de lichte viooltjesgeur van fleur de sel.

Fleur de sel bevat net als andere zeezouten meer mineralen dan keukenzout. Het wordt meestal verkocht in afgesloten kleine bussen. Door zijn relatieve schaarsheid is fleur de sel een van de duurste zouten en volgens sommigen in culinair opzicht ook het beste.

 

 

 
Rustige zee met regen

22 augustus, van La Trinité naar La Turballe, 23,6 mijl.

Vandaag verlaten we Bretagne en komen we in het Pays de la Loire. Het was hier in een woord overweldigend: van de zowat Caraïbische eilanden tot de imposante kliffen.

We staan op tijd op, Annelies is al een tijdje wakker, nemen een snel klein ontbijtje en vertrekken om 10.00 uur naar La Turballe. Het word weer Yanmar zeilen ( motor erbij). De zee is spiegelglad en melkachtig lila/grijs van kleur. In de verte zien we regenbuien aan ons voorbijtrekken in de vorm van gordijnen. Even later moeten ook wij eraan geloven en in miezerregen, maar de haven binnen varend in toenemende buiigheid komen we aan in La Turballe. We leggen de Skadi aan een kleine vierkante kom tussen steigers, bedoeld voor bezoekers. De havenmeester komt vragen of we het schip willen omdraaien, we begrijpen niet goed welk nut dat zou hebben, maar we geven onze medewerking maar.

Na wat opruimen en een drankje en katten even op hun gemak stellen en belonen, doen we het verplichte bezoekje aan de Capitainerie en lopen op verkenning naar het dorp. Toevallig is er markt en we zoeken al een poos naar hemdjes zonder mouw voor Peter. We komen altijd prints van Japanse tekenfilms tegen of Samoerai of Kung Fu of sabeltandtijgers, maar een beetje smaakvolle is er nog steeds niet bij. Een dorp van niks en meteen wel een prachtige Chanderley, onze monden vallen open ...We nemen even de tijd om deze luxe, zeer goed uitgeruste winkel door te lopen.

Bij het VVV halen we informatie over de busverbinding naar St.Nazaire. Een lieve assertieve jongedame met enorm decolleté kan het ons (alleen in het Frans) vertellen. Bij thuiskomst gaat Annelies er maar eens over broeden hoe we met overstappen in een gehucht, moeten komen. Het is op zondag wel erg moeilijk: ofwel je kan precies 1 uur in St Nazaire zijn om de goede busverbinding terug te halen, of je moet er 5 uur extra ronddwalen. We passen ons plan aan. Maandag gaan we naar St. Nazaire, zondag houden we een huiselijk dagje op de Skadi.

Haven terrasverhaal:

Niet helemaal in de haven maar wel op de terassen bij de haven: Als we rond lopen over een klein markjte begint het heel hard te regenen. De eigenaar van het Restaurant met de toepasselijke naam "Tante Marie" wil het water van de zonneschermen af laten lopen en drukt het zonnescherm omhoog en het water loopt er af, precies op de plek waar ook gasten zitten. "Foutje bedankt"- gevalletje. Wij aanschouwen dit op een veilige plek binnen, een eind van de pui af. Niet veel later denkt tante Marie het scherm maar op te halen en gaat tegen de gevel staan terwijl ze dit doet. Je kan er op wachten: als het scherm zowat is opgerold valt een zee van water over haarzelf heen.

 
Obelix1.png

21 augustus, fietstocht langs de Menhirs van Carnac

Met de routekaart van het VVV zou het heel makkelijk moeten wezen om Dolmen en Menhirs te vinden. De Dolmen liggen verscholen in dennebos en achter maisvelden en vermeende fiets/wandelpaden er naar toe zijn bospaden die met de fiets niet begaanbaar zijn. We vinden 1 gigant, die ooit 20 meter hoog moet zijn geweest maar de tand des tijds niet heeft overleefd. We zijn meteen de weg kwijt. Terug naar de hoofdweg komen ons opeens alle toeristen tegemoet. Iedereen heeft hetzelfde idee gekregen. De Menhirs van Carnac, waar we later langs fietsen,vallen wat tegen. Het is wel bijzonder om over een grote afstand 7 rijen Menhirs te zien en met de rondom bloeiende heide is het een mooi schouwspel in de zon. Je vraagt je wel degelijk af wat de mensen in die tijd heeft bezield...Peter, als groot Asterix en Obelix-fan echter is wat teleurgesteld over het formaat van de stenen. De Menhir van Obelix staat er niet bij.

De Megalieten van Carnac zijn rijen van menhirs op verschillende plekken in Carnac in Frankrijk. De stenen staan over een afstand van 8 km over 4 gehuchten in Carnac. Bekende steenpatronen in Carnac zijn die van Le Menec en Kermario. Hoe de stenen op hun plaats gebracht werden is tot op heden grotendeels een raadsel.

Vermoedelijk zijn deze stenen monumenten verbonden met prehistorische sjamanistische rituelen en werd rond 5000 v.Chr. begonnen met de bouw ervan. Daarmee zijn het de oudste bouwwerken in Europa. Mogelijk dienden grote megalieten als een soort observatorium. Sommige onderzoekers suggereren dat veel van deze monumenten gekoppeld waren aan rituelen rond de zon en de maan, het zouden een soort kalenders geweest kunnen zijn. De Kelten, die rond 400 v.Chr. in dit deel van Europa arriveerden, maakten gebruik van deze monumenten voor hun religieuze ceremoniën.

Na wat zoeken, want de kaart laat ons weer in de steek, vinden we de kustweg langs de stranden Légenès en Grand Plage, een waar toeristenoord, het lijkt het Scheveningse strand wel: handdoekje aan handdoekje. De baaien zijn prachtig blauw en dat trekt veel zongenieters aan. De kustweg die als boulevard-route dient is druk met auto's en wij fietsen er knalhard langs.Veel appartementengebouwen in Bretonse villa-bouwstijl geven een gemoedelijke indruk. Dat had heel anders kunnen zijn als hier blokken betonnen hotelcomplexen waren neergezet. En zo lopen de baaien door tot aan La Trinité en zijn we thuis. Een snelle hap, in de nog warme zon van 20.00 uur. En Annelies werkt de verhaaltjes van 2 dagen eerder nog even bij, om het allemaal wat bloemrijker te maken of vergeten details toe te voegen.

 

 
Skadi in La Trinité

20 augustus, van Belle Ile naar La Trinité, 17,3 mijl

Vandaag varen we naar La Trinité, een tochtje van ca 15 mijl. We willen pas om 12 uur weg en kijken naar de andere schepen die langzaam aan het vertrekken zijn.

Eerst nog even naar de Captainerie om het havengeld te betalen en dan klaar maken voor vertrek. Om weg te gaan moeten we achteruit varen tussen een paar schepen door, die in de tweede rij achter ons liggen en met behulp van de andere bemanningen en de havenmeester - die duwt met zijn bootje een van de schepen aan de kant -  gaat dat voorspoedig en zetten we koers naar la Trinité.

Het eerste stuk is weer op de motor omdat er geen wind is. Als we het laatste rak ingaan - nog 6 mijl te gaan - gaat de Genua uit maar komen we toch bijna stil te liggen, 1,5 knopen over de grond waarbij de stroom voor de grootste snelheid zorgt. Peter denkt: even lekker dobberen en zonnen, Annelies vraagt zich af wat er nu weer gebeurt, we zouden toch direct doorvaren....? Peter ligt gestrekt in de zon en Annelies zit zich perplex af te vragen wat ze nu opeens moet doen. Het omschakelen naar dolce far niente gaat haar iets te snel. Kortom even een behoorlijk misverstand met de nodige irritatie-zoals een goede vriend van Peter - Eric Kemperman - altijd zei: ,,zonder wrijving geen glans".

Na een uur ligt de Skadi helemaal stil en besluiten we om de motor aan te doen. We varen rond 17:00 de haven in en leggen de Skadi in een box.Mooie haven, goede plek en de zomer komt er aan, dat wordt chilluh!!!

Nu gewoon over de steiger lopen naar het haven kantoor in plaats van met de Dinghy, is ook wel weer lekker. Annelies vindt het nog geen succes die Dinghy...met golven van een racende havenmeester of de Ferry in aantocht. In La Trinité dus effe niet. We lopen door het stadje en zien we een verbazend mooi, maar niet zo oud kerkje. Heel wat anders dan die saaie kerken van de rest van Bretagne.

's Avonds bij het eten trekt Peter een blik Frans rundvlees open. Die hebben we gescoord in de Super-U, helemaal super, net als die gehaktballen en karbonades in blik van de Lidl die je op vakantie nodig kan hebben.....mmmm. Peter ziet het direct: ossetong, iets waar Annelies van gruwt. Annelies ligt met haar wijntje in de kuip en Peter komt om de hoek:,,....eh....ik zal het maar zeggen...ik kan het je ook gewoon laten eten zonder het te zeggen...maar het is ossetong en daar houd je geloof ik niet van...Gelukkig is er voldoende groente - venkel met paprika - om haar honger toch te stillen maar de volgende keer even beter opletten bij het fourageren. Tja die Fransen eten graag tong, neuzen en oren en varkensballen (heeft Annelies ooit wel geprobeerd!-dat wordt nog wat in Spanje : stierenballen! - Try before you die))

 

 
De rotsen van Monet

19 augustus, Belle Ile

We gaan vandaag wat later naar de scooterwinkel om toch nòg maar een dagje te gaan rijden. Als we vragen of hij nog een scooter voor ons heeft horen we: Non, nous sommes complet. Maar we kunnen er wel een in de middag huren. We gaan maar naar een andere scooterverhuurder maar het zelfde antwoord en de volgende 2 ook. We zij niet de enigen: de Ferry is aangekomen met dagjesmensen en ze willen alle 300 een scooter.We besluiten om dan toch maar bij de eerste winkel een scooter voor pas 14.00 uur in de middag te huren en als we staan te wachten wordt er net een teruggebracht. Lucky Us!

We rijden naar de plek zuidwestzijde van Belle Ile, waar we gisteren gestopt zijn, Les Aiguilles, en rijden iets verder naar precies de plek waar Monet zijn inspiratie heeft  opgedaan voor de bekende rots en zee gezichten. Het blijkt inderdaad een prachtige inspirerende plek te zijn. Het woeste westen in al zijn indrukwekkende schoonheid. Vandaag geen metershoge - dat kan ook - tegen de klippen opslaande golven, maar al met al toch een spectaculair gezicht.

We doen strand Plage Donnant aan, Annelies vind dat het mooiste strand bijna oranje van kleur afstekend tegen de blauwe lucht, tussen de kliffen en duinachtige heuvels. We rijden door heuvelgebied, moeten soms een zand of grintweg nemen en de natuur laat ons velden met varens en dennen zien en dan weer grassen en heide.

Een volgend indrukwekkend gezicht is de rotskust van de Apothicairerie. In de klif is een grot waar aalscholvers hun nesten bouwen in de vorm van apothekersflessen, vandaar de naam.

De rest van de middag rijden we de Noord West kant van Belle Ile af. We zien verschillende plekken waar een aantal zeilschepen voor anker lggen. Peter heeft het er nog niet zo op voorzien om tussen deze rotsen zijn anker uit te gooien maar bij de aanblik van deze prachtige rustige plekken begint hij ook wat geruster te worden dat dit heel goed kan. Het blijft nog even griezelig.

Terug naar de Skadi en we moeten ons met de Dinghy tussen een paar schepen doorwringen om bij de Skadi te komen, zo dicht liggen we op elkaar. We blijken nu met 8 schepen aan die ene Mooring te liggen, voller kan het bijna niet.

's Avonds gaan we de plannen voor de komende dagen bijstellen, er komt een storm over de oceaaan aangerend en die bereikt ons in de loop van zondag en Nederland op maandag en dinsdag. (Dan weten jullie dat alvast) Met zo een storm is het niet handig om te gaan ankeren in de baai van Morbihan en we besluiten dan ook om zaterdag direct door te gaan naar de rivier de Vilaine.

Haven gebeurtenis:

We zitten op de aanleg steiger voor de Dinghy's even een ijsje te eten als er 4 jongens met een bootje komen aanvaren. Ze stappen uit en tillen het bootje over de steiger en gooien het aan de andere kant in het water. iedereen dacht dat iemand het touwtje wel vast had maar niemand deed dat. Dus drijft het bootje zelfstandig weg . . . . . . .

 

 
Les Aiguilles de Coton

18 augustus, Belle Ile, Le Palais

We huren een gil-ding oftewel een scooter. We staan om 10.00 uur bij de Scooter Rent. Zwembroek mee-je weet nooit. Vest mee want scooteren is koud. Boterhammetje mee, want we doen zuinig en gezond. De weg gaat door heuvelachtig landschap en langs dennebos, loofbos en inmens hoge coniferenhagen. Hier en daar een wit huisje met de bekende blauwe luiken en een palm in de tuin. Ook hier groeien Tamarindes al zijn ze nu uitgebloeid. Met af en toe een flink steil asfaltweggetje omhoog en dan weer sterk afdalend zien we tussen de heuvels de zee en vinden het eerste verscholen strand. Prachtig met groen en blauw water. Deze strandjes zijn voornamelijk per boot of te voet bereikbaar, behalve de Plage des Grands Sables waar watersport beoefend wordt. Alle stranden liggen tussen uitgestrekte landtongen, vanaf de hoge landtong zie je nòg wel 4 landtongen in de verte liggen.

De zuidkust bereiken we door prachtige vegetatie en graslanden en akkers. Hier vinden we meer rotsen , we pauzeren op het strandje van Kerèl en blijven 2 uurtjes genieten van de natuur, de zon en de schilderachtige kliffen met - weer de bekende Douanepaden en behoorlijk steil ook. We slaan de weg in naar beroemd uitzichtpunt Les Aiguilles de Port Coton. Prachtig woest landschap met rotsen in een ongelofelijke kleurenzee, een door Monet (verblijvend op Belle Ile van 12 september tot 25 november 1886) meermaals geschilderd kustlandschap. Dan is het al na vijven en we keren terug naar Le Palais om de scooter in te leveren.

Havenverhalen van vandaag

De vrouw die de boot verlaat om in de Dinghy te stappen en slim gebruik denkt te maken van het zwemtrapje achterop de boot, maar vergeet dat die is opgeklapt. Als zij er op stapt klapt de trap uit....

De vrouw die denkt in haar huiskamer te lopen en zó druk in de kuip heen en weer loopt dat ze meermaals vreselijk haar hoofd stoot tegen een laag hangende giek (overigens te laag. Op de Skadi word de giek hoog opgehesen)

 

 
7 schepen aan 1 Mooring

17 augustus van Lorient naar Belle Ile, 27 mijl

We horen om 05.oo uur al dat het afbreken van de feestaccomodaties begonnen is.

Om 8:30 precies draait de brug en gaan we na 4 dagen muziek weer verder, richting Belle Ile.

Belle-Île-en-Mer ('Mooi eiland in de zee') is met een oppervlakte van 83,76 km² het grootste Bretonse eiland in de Atlantische Oceaan. Het kanton Belle-Île ligt in het departement Morbihan van de provincie Bretagne. Het bevindt zich ten zuiden van het schiereiland van Quiberon, vlak bij de eilanden Houat en Hoëdic.

De Bretonse naam is Enez ar Gerveur ('Citadeleiland'). In de Romeinse tijd heette het Vindilis, vandaar in het oud-Bretons Gwezel, of Gwedel. Onder Napoleon werd het Île Joséphine genoemd.

Het eiland heeft een ruwe kustlijn, met vooral aan de oceaanzijde hoge gneis rotsen, afgewisseld met kleine stranden in de inhammen. In het binnenland is het landschap vlak en glooiend.

Vanaf 1765 begonnen Acadiërs zich op Belle-Île te vestigen, nadat ze door de Engelsen verdreven werden uit hun thuisland Acadië, in Noord-Amerika. Velen van hen bleven op het eiland, waardoor heden ten dage een groot deel van de eilanders Acadiërs als voorouders hebben.

Belle-Île bestaat uit vier gemeenten:

Bangor, een dorp gelegen in het binnenland.
Locmaria, een dorp gelegen in de oostpunt van het eiland.
Le Palais, de belangrijkste haven. Bereikbaar met de boot vanaf Quiberon.
Sauzon, de tweede haven. In de zomer bereikbaar vanaf het vaste land.


De impressionistische schilder Monet, heeft veel inspiratie opgedaan op Belle-Île en heeft in 1886 verscheidene schilderijen gemaakt van de kustlijn. "Les Pyramides de Port Coton" is hiervan de bekendste.

Even buiten de haven gaan de zeilen erop en de Skadi vaart met een knoopje of 4 richting Belle Ile. Geheel volgens de voorspellingen van Windguru valt om 13:00 de wind weg - we zetten even de motor bij - en komt een uurtje later weer terug uit precies de andere richting. Opnieuw een snelheid van 4 knopen op zeil. Tijdens het eerste deel van de tocht word het behoorlijk aangenaam van temperatuur. Annelies dommelt nog wat om Lorient's feestgedruis te verwerken. Rond 16:00 komen we aan bij La Palais, de belangrijkste haven van Belle Ile.

We worden door de havenmeester naar een Mooring met nummer 6 gedirigeerd en moeten voor vastmaken een een ketting die vast zit aan de kademuur en achter aan de Mooring waar al 3 schepen aan vast liggen. Even later komt nog een schip aan deze mooring en als we een uurtje verder zijn liggen we met 7 schepen aan 1 mooring. Hoezo stapelen....?

In eerste instantie denken we: is dit leuk? Maar als we even later met de Dinghy naar de kant gaan en we zien hoe vol de haven Port Flotant is gestapeld, dan zijn we best tevreden met de plek die we nu hebben.

Het motortje van de Dinghy lijkt zelf het koelprobleem te hebben opgelost: er komt weer koelwater uit de slang: Bravo.

's Avonds vroeg naar bed na 4 nachten van muziek om ons heen tot 2:30 's nachts en dus wakker blijven. Nu gewoon dus FF bijlslapen.

 
le-carre-breton-familh

16 augustus, Lorient

Vandaag hebben we een beetje een rustdag, maar er wacht een was, afwas, stofzuigen, kortom gewoon een schoonmaakdagje.

Tussen de was en de droger door lopen we toch even rond en jawel, we scoren. . . Neeeee geen schoenen deze keer maar een leuk tasje van "Breizh en Ville" voor Annelies. Een tasje met een verhaaltje over Bretagne.

Ook zien we een bakker een Bretonse koek maken waarbij we allemaal staan te watertanden maar gelijktijdig zeggen: wat een bom aan calorieën!! Voor 1 koek 300 gram boter en 200 gram suiker en een beetje bloem. Dus gewoon een boter/suikerkoek maar door het veelvuldig vouwen van het deeg wordt het een bladerdeeg boterkoek.

We lopen ook even door het Palais Congres waar een expositie is van oude Bretonse klederdrachten en van muziekinstrumenten: Luiten en Backpipes uit de hele wereld. De zogenaamde Doedelzak is helemaal niet "alleen maar" Schots, hij wordt in allerlei vormen en maten over de hele wereld gemaakt. En de luit is van Zanzibar tot Bretagne al eeuwen in gebruik.

Vandaag lopen er beduidend minder mensen langs de muziekpodia en boeken- en eettentjes en ook veel minder jongeren. Lekker rustig voor vanavond.

's Avonds nemen we de mogelijkheden door voor reisdoelen voor de komende dagen. We gaan morgen naar Belle Ile in de haven het Palais liggen. We willen de kust verkennen via klifwandelpaden.Het plan is om daarna naar La Trinité te gaan i.v.m. bezoek aan Menhirs en als het weer het toelaat naar de Golf van Morbihan. Daarna gaan we het gebied van de Vilaine en de Loire in waaronder St Nazaire en Nantes.

 

 

 
Met Brian, Babette, Juliette, Leo en Thea aan de BBQ op de Cobb

15 augustus, Lorient BBQ op de Skadi

Vandaag hebben we kaarten voor het Championat International Pipebands, een wedstrijd tussen een 8-tal internationale Pipe (doedelzak) bands. Heel bijzonder om een keertje te zien, de bands komen één voor één aangemarcheerd, stellen zich op om de laatste instructies van de hoofdscheidsrechter te krijgen en stellen zich dan op rond een cirkel en spelen aaneengesloten 3 nummers. Tijdens het spelen staan er een 6-tal scheidsrechters omheen die alles mogen beoordelen. Het is ons niet helemaal duidelijk waarop gelet wordt maar we denken uiteraard aan de uitvoering van de muziek maar ook aan de algehele performance, doen ze alles synchroon, doen de drummers dezelfde en synchrone patronen etc.

Na een eerste ronde mogen ze nog een keer terug komen maar na de voor ons favoriete Ieren en Schotten wagen we ons maar aan een Bretons broodje. Annelies duft een pain au paté qui tue (!) aan- een behoorlijk zwaar soort paté-staat in de maag en Peter een broodje terre et mer- met een zeer onduidelijk soort worst.... en sardientjes. Het concours is inmiddels ten einde en de Ieren en Schtotten gaan aan het bier. Wie er gewonnen heeft zullen we nooit te weten komen, wij gaan de stad in want wat ons betreft waren het de Ieren in blauwe kilt en de Schotten.

Lorient heeft een lange geschiedenis als haven en marinesteunpunt. De havenmond van Lorient is de uitloop van de rivier de Scorff en het gebied waar de Franse marine was gelegerd stond bekend als het Arsenaal.

Direct na de val van Frankrijk in 1940 zag het Duitse leger de voordelen van de haven in. Op 28 juni 1940 besloot admiraal Karl Dönitz een U-bootbasis te bouwen. Tussen februari 1941 en januari 1943 werden drie gigantische structuren van gewapend beton gebouwd op het Keroman schiereiland bij de stad. De werken van de onderzeebootbasis Lorient kregen de aanduiding K1, K2 en K3. Lorient werd tijdens de oorlog zwaar beschadigd door geallieerde bombardementen, maar de bunkers werden nooit buiten bedrijf gesteld. Lorient werd pas in mei 1945 op de Duitsers bevrijd.

Na het Pipebands Concours lopen we direct naar de supermarkt om de inkopen te doen voor de BBQ. Als we met veel spullen bij de kassa staan wordt er gevraagd of we op een schip zitten in de haven. Als dat zo blijkt te zijn worden we door de eigenaar met de auto naar de Skadi gebracht. Ook dat kan in Frankrijk.

Als we bij de Skadi aankomen zitten Leo en Thea al aan boord onder het genot van een drankje.'s Avonds gaan we lekker met z'n allen BBQ'en en daarna brengen we Leo en Thea naar de bus.

Heeft een Schot een onderbroek aan onder de kilt? Babette weet het antwoord!

 

 

 
Fruits de Mer de Luxe

14 augustus, Lorient Keltisch festival

Brian en Babette halen de auto op, die in Concarneau is achtergebleven en gaan direct door naar de oma van Babette.

Annelies en Peter blijven in Lorient en lopen door het feestgedruis. Helemaal toevallig zien we een Ierse Pipeband de instrumenten stemmen achter een tent en na het stemmen lopen ze de Ierse tent in waar we als een van de eersten vooraan kunnen staan.

Deze Pipeband speelt wat ons betreft geweldig en vooral het bekende "Amazing Grace" wordt zo geweldig uitgevoerd dat het bij vele aanwezigen nogal wat emoties oproept. Werkelijk een prachtige uitvoering.

In 1999 vervuilde de kust van Lorient door de olie van de ramp met olietanker Erika.

De Erika was een tanker uit 1975 die op 13 december 1999 voor de zuidkust van Bretagne verging. De tanker was op dat moment 25 jaar oud en had 37 000 ton zware stookolie aan boord, afkomstig uit Duinkerke en bestemd voor Livorno. De tanker was enkelwandig.

De tanker was gecharterd door Total-Fina-Elf van een bedrijf uit Malta, dat onder beheer staat van twee Libanese bedrijven. Daarvan waren de eigenaren niet met zekerheid te achterhalen.

De 26 bemanningsleden werden gered door een helikopter. De tanker brak in tweeën, waardoor in eerste instantie ongeveer 10.000 ton olie vrijkwam, die twee weken later op de kust van Bretagne aanspoelde. Veel vogels, met name zeekoeten, kwamen om.

De vervuiling reikte over een afstand van 400 km van de kust van Finistère tot aan Charente-Maritime. Ter vergelijking is de hoeveelheid olie, die vrij is gekomen bij de ramp met de Erika, tien keer minder dan bij de Amoco Cadiz bij L'Aberwrac"h.

Men schat dat er tussen de 150.000 en 300.000 vogels zijn omgekomen. dat is tien keer zoveel als bij de schipbreuk van de Amoco Cadiz, waarvan 80% zeekoeten. Ongeveer 6000 vogels spoelden aan, waarvan 90 % niet meer was te redden. Ook Nederlandse en Belgische vogelasiels sprongen bij.

De oesterkwekers werden zwaar getroffen door de ramp, doordat de verkoop van schaaldieren en oesters werd verboden.

Later, tussen maart en juli 2000, werd er opnieuw olie uit het wrak gepompt. Begin 2007 bevond zich nog steeds 11.000 ton zware stookolie in de twee delen van het wrak. Het zit er nog steeds in en het kan in de toekomst nog steeds een nieuwe milieuramp veroorzaken.

's Avonds trakteert Brian ons op een enorme schaal met Fruits de Mer die we nauwelijks op kunnen eten, een waar feestmaal.

 
Brian en Babette als meezeilers

13 augustus, Concarneau naar Lorient, 31,6 mijl

Na het ontbijt varen we om 12:00 weg uit Concarneau. Het eerste stukje op de motor want er is geen wind. Na een half uurtje steekt de wind op en gaan de zeilen eruit. Als we even later wat kunnen afvallen krijgen we weer het Skadi gevoel: 7,5 knopen door het water.

Doordat de wind wat opsteekt zien we langzaam de golven weer wat opbouwen schuin van achter inkomend. Doordat deze wind een aantal uren blijft staan gaan deze golven de komende 24 uur verder opbouwen en komen er de voorspelde golven van 1,5 meter te staan, reden om vandaag te gaan varen en niet te wachten op morgen.

Babette wordt toch wat katterig en slaapt wat onderweg waardoor ze opknapt. Op beurten staan Brain, Annelies en Peter te sturen want het is een genot om de Skadi zo door het water te laten lopen.

We blijven zeilen tot we bijna in de haven zijn in het centrum van Lorient. Dit blijkt meteen het centrum te zijn van het Keltisch festival. We moeten even aan een kade wachten tot de brug open gaat en we krijgen bij de Capitainerie speciale bandjes want de Skadi ligt straks in het afgesloten deel van het feestcentrum. Mooi denken we, dat krijgen we er voor niks en niemendal gratis bij.

Na een uurtje kunnen we door de sluis en komen we in het dok waar we in nog rustiger water liggen en nog meer muziek om ons heen hebben. In een woord GEWELDIG.

Elke zomer stromen ongeveer 700.000 mensen uit alle windstreken naar de Keltische grond van Lorient voor het Festival Interceltique. Van Galicië tot Schotland komt de elite onder de Keltische muziek naar Bretagne, om hier samen te genieten en hun goede humeur te delen.

Elk jaar is het hetzelfde! Sinds 1971 gaat er geen maand augustus voorbij zonder dat het festival in een grote bagad (jamsessie) eindigt. Of het wordt een grote sirene van bombardes (luiten). En toch klaagt niemand, integendeel. Meer dan 700.000 liefhebbers krijgen stelselmatig een Keltisch hart. Daarom volgen ze de grote parade van de Keltische volkeren, de inter-Keltische nacht in het Stade du Moustoir of bij de vissershaven. Zelfs als het niet regent zijn de pibrochs en gaïta’s (Schotse doedelzakken) altijd van de partij en zorgen voor een vrolijke sfeer. Het festival brengt ongeveer 200 voorstellingen en 5.000 artiesten … De toeristen waarderen deze exotische sfeer, terwijl de inwoners van Lorient zich volop inzetten voor dit hoogtepunt van de Keltische cultuur. “Ik speel doedelzak tot de akkoorden mij uitputten zegt u?” Het festival van Lorient is met zijn veertig jaar misschien grijs, maar nog steeds piepjong.

Uiteraard storten we ons 's avonds in het feestgebdruis en genieten met volle teugen van de Keltische muziek.

 
Lekker rustig tochtje

12 augustus, van Loctudy naar Concarneau, 11 mijl

 

10.00 uur vertrekken wij naar Concarneau. De zon schijnt al volop als we om 07.00 uur opnieuw wakker worden door rondrennende katten. Odin heeft om 03.00 uur al gekke nacht gehad en de slaapkamerdeur geramd, maar die zit op slot. Soms lijkt het wel of we een baviaan aan boord hebben.Geen aandacht gegeven, gaan we dus niet doen! Na hem naar buiten gejaagd te hebben om 07.30 is hij in zijn mand gaan liggen.

Het gaat tegenwoordig wat beter tijdens het varen. Hij is al 2 x niet meer zo bang geworden van het aanslaan van de motor en blijft in zijn mandje. Hopelijk nu ook....

De tocht naar Concarneau is eigenlijk een pleziertochtje, alles onder zeil en prachtig weer. Bij aankomst zoeken we een box en vinden er een waar de Skadi precies nog inpast maar we liggen dan ook strak tussen de vingerpiertjes samen met een Engelsbootje.

De stad Concarneau ios op zich niet zo veel, een lange wandelstraat met vooral cafe's en restaurantjes. Wel vinden we een supermarkt voor de noodzakelijke boodschappen.

De oude binnenstad van Concarneau, "La Ville Close", is gelegen op een eiland in de natuurlijke haven en is nog geheel omsloten door de oude stadsmuren. De Ville Close is de ommuurde oude stad, waarvan de stadsmuur en toren in de 16e eeuw werden vernieuwd, en in de 17e eeuw voor de artillerie omgebouwd. Tegenwoordig bevinden zich hier vele winkels en restaurantjes waardoor het een toeristisch karakter heeft gekregen. Via een brug is het eiland verbonden met de rest van de stad.

Vanouds leeft Concarneau van de visserij. Dit is te zien is het Musée de la Pêche in de hoofdstraat van de binnenstad. Concarneau is de derde vissershaven van Frankrijk met een flinke plaatselijke vloot, een visafslag en twee scheepswerven. De vloot bestaat uit bordentrawlers (chalutiers) die vissen op leng, zeeduivel, rode poon en rode mul. Daarnaast vissen kleinere dagvissers met staande netten op tong en tarbot.

Verder komt de grote betekenis van de sardinevangst op één na laatste zondag van augustus tot uitdrukking in het Fêtes des Filets Bleus.

Regelmatig leggen in de haven van Concarneau ook grote IJslandvaarders, koelschepen, volgeladen met vis aan, in de buitenhaven voor zeeschepen. Deze koelschepen staan net in 'brand', doordat hun koelruimen open staan en enorme koude vriesdampen opstijgen uit het ruim. In grote netten en met kranen worden grote vissen op de kade gelost voor de vismijnen. Soms gebeurt het wel dat een grote tonijn daarbij uit de netmazen glipt en kletterend stijfbevroren, op de kade valt. Sommige toeristen nemen dan de staart beet en laten zich fotograferen, alsof zij hem zelf gevangen hebben.

's Avonds komen Brian, Babette en Juliette aanboord en lopen we na het eten nog even door de oude stad en gaan we naar een muziek gebeuren van het Fete de Filtes Bleus.

 
Avondzon vanuit de haven gezien

11 augustus, Loctudy regio Bigouden, Finistère

We blijven op de boot. Tegen alle verwachting in regent het. Het lijkt nederland wel... We ruimen wat op, maken wat schoon, proberen te internetten maar het is weer hopeloos. Af en toe pingt er een appje binnen en we schrikken ons rot. Meteen vliegen we naar alle apparaten om up to date te raken. Poef weg. Vooral in de lunchpauze. Gek toeval.

In de vijfde eeuw hebben een paar monniken, geleid door monnik Tudy, het  klooster Enez-Tudy gebouwd op een klein eiland bij de ingang van Teir. De eerste monniken die zich in Bretagne vestigden deden dit op eilanden of gemakkelijk verdedigbare locaties, bij de ingang van baaien en rivieren, om zich te beveiligen.

In de elfde eeuw waren de inrichting van een nieuwe en belangrijke religieuze gemeenschap en de bouw van een abdijkerk een belangrijke mijlpaal voor de ontwikkeling van de stad.

In de veertiende eeuw raakte Loctudy geïsoleerd. In 1790 werd de parochie, die zich dan uitstrekte tot het kasteel van Pont l'Abbé, een gemeente. De grenzen van haar grondgebied werden verkleind maar permanent gemaakt.

Uit 1830 en meer dan een eeuw daarna komt er een periode van relatieve welvaart door intense agrarische activiteit, deels plantaardig, maar vooral gericht op het verbouwen van een monocultuur van aardappelen.

Na de Tweede Wereldoorlog nadat de landbouw was afgenomen,werden de activiteiten verlegd naar maritieme activiteiten. Loctudy werd een van de grootste havens van het land Bigoudin, voor de visserij, alsmede voor vakantiegangers.

De historie is bewaard gebleven binnen de kasteelmuren van Kérazan, nu een museum. Loctudy is hedentendage voor de kreeftvangst de belangrijkste vissershaven van Frankrijk. Het is tevens een charmante badplaats, waar je wandelingen kunt maken langs de rivier en het strand, en kunt genieten van heerlijke schaal- en schelpdieren.

De haven van Lesconil is typisch “Bigouden” en zeker een bezoek waard. Wat verderop vind je Pont-l'Abbé. Deze typisch Bretonse stad staat bekend om haar folkloristische kostuums en hoeden en ligt, met haar vele scheepswerven, pal aan de Atlantische Oceaan. Voor de echte windsurfers ligt ten westen van Pont-l’Abbé, Pointe de la Torche, een waar paradijs voor windsurfers.

De avond geeft opnieuw een prachtige zonsondergang. De katten houden niet van kou en regen (onder de 19 graden) en willen na lang aansporen toch wel even een frisse neus halen. Het is stil op de steiger alle kindjes slapen: dit is in hoogseizoen wel een echte campinghaven, begrijpelijk want het is nieuw schoon en met goede wasgelegenheid. Kinderen vissen garnaaltjes en je kunt hier met je Dinghy alle kanten uit.

 
2015-08-10 13.29.01.jpg

10 Augustus, Zeildag met Maud, Kiki en Paul Zeldenthuis, 10 mijl

Met een ambachtelijk Bretons taartje hebben Paul, Maud en Kiki al aan boord plaatsgenomen als wij de hoek van de haven met onze e-bikes omscheren. tja, we moesten toch even naar de Carrefour om een boel lekkers in "huis"te halen. Na de koffie met taart maken Peter en Paul de Skadi vertrekklaar en we zeilen de golf van  Concarneau in. De box kunnen we helaas niet afzetten met een lint of reserveren want het is een algemeen visitor's ponton en als iemand er ongemerkt in wil liggen dan moeten wij bij terugkomst een andere box zoeken. De havenmeester zegt: ik zal er op letten maar kan niets beloven.

Het is een bedekte lucht maar met een aangename 22 graden varen we weg  , even lijkt het korte (zeil-)broekies-weer maar toch is het iets te fris op zee en een jeans en truitje zijn toch wel prettig voor ons meiden. Met de herinnering aan zeilkampen van "vroeger" genieten Maud en Kiki weer van het zeilen en mogen om de beurt ook sturen. diverse hints worden aan paps gegeven om toch ook een zeilboot te kopen.....De meisjes weten al precies wat voor een.

Een mooi rondje baai van 11 mijl met windkracht 3 brengt ons weer terug in Loctudy voor de borrel en dan blijkt inderdaad dat onze box is ingenomen door een buurman die blijkbaar al had zitten spinzen op C54. Het is weer binnenkomsttijd en diverse vakantieschepen komen een plek zoeken. We kunnen weer 2 verhalen toevoegen aan het album haven-rariteiten, want mini-motorbootje met bejaarde ramt de Skadi ( de uitroepen van ontzetting, gevloek en kritiek stijgen uit de Skadi op en de bejaarde Fransman kan alleen maar zeggen: voulez vous telefoner la Police?) De volgende boot komt aan en Peter is zo behulpzaam om even een lijn aan te pakken maar deze Fransman zal het wel even alleen doen en springt van zijn schip bovenop Peter en zowat Peter van de steiger af en rent als een bezetene met de lijn naar de kikker. DAN NIET!,roepen wij en Peter haalt ongewond zijn schouders op en neemt maar weer plaats aan de borreltafel. Rare lui die Fransen.....

Met hapjes, kaasjes, vlees en vis op de cobb BBQ komen wij de prachtige avond door. Toevoeging aan de sfeer is de mooie zonsondergang met rose, lila en paars licht op het water en in diezelfde kleuren aan het firmament verschijnen regenbogen...........

 
Mooie uitzichten onder het zeilen

9 augustus, van Audierne naar loctudy, 32,7 mijl

Om half elf vertrekken we uit de haven van Audierne en sturen voorzichtig door de smalle vaargeul naar buiten. Buiten zetten we direct de zeilen erop en sturen op Pointe de Penmarc'h af.

De nieuwe vislijn gaat uit op zoek naar Dorade's en Tonijn en als reserve gaat er een makreellijntje uit.

We varen het hele stuk door en steken een heel eind naar buiten zodat we ook aan de wind kunnen varen als we overstag gaan - terug naar de kust. Vlak voor de haven halen we de vislijnen maar binnen, we zullen toch naar de viswinkel moeten, niets gevangen.

De Eckmühl vuurtoren is een maritieme vuurtoren op het puntje van Saint - Pierre, op Pointe de Penmarc'h, in Finistere in Frankrijk . Het is meer dan 60 meter hoog. De vuurtoren werd ingehuldigd 17 oktober 1897 en is vernoemd naar de adellijke titel van de donor, die de bouw voor een groot deel gefinancierd heeft. Het beveiligt een van de meest gevaarlijke kusten van Frankrijk vanwege de talrijke riffen.

De wanden zijn geheel gebouwd van graniet uit Kersanton en de binnenwand van de trap is bedekt met opaline platen . Het is nu een van de meest bezochte monumenten van Finistère.

De vuurtoren sinds september 2005 geregistreerd als een historisch monument.

's Avonds komen Paul Zeldenthuis en zijn dochers Maud en Kiki tot laat borrelen. Zij verblijven een paar dagen op een camping in de buurt en we spreken af om morgen een stukje te gaan varen.

 

 

 
De Skadi in de haven van Audierne

8 augustus, Audierne

Vanochtend gaan we op tijd naar de markt die eigenlijk voor de deur ligt. Het is een redelijk grote markt en is, denken we, erg druk door veel touristen. Als we proberen een kopje koffie te scoren lopen we alleen maar tegen overvolle terrassen aan. We gaan op ons eigen terras zitten, jawel de Skadi.

Tijdens zijn hoogtijdagen in de 19e eeuw was Audierne een belangrijke vissershaven en centrum van marinewerven .

De ontwikkeling van de zeevaart tussen de 15e en 17e eeuw bracht rijkdom en welvaart naar Audierne. Gedroogde vis en graanproducten werden geëxporteerd in ruil voor wijn, hout en ijzer. De haven was de enige die tussen de Pointe du Raz en Pointe de Penmarc'h lag en aan het begin van de 17e eeuw had het maar liefst 200 schepen en 165 handelshuizen.

In 1840 was Audierne nog steeds een grote commerciële haven met een gemiddelde van 200 koopvaardijschepen per jaar, zodat de 'Môle du Raoulic' golfbreker tussen 1847 en 1852 werd gebouwd om de toenemende omvang van het verkeer door het kanaal te regelen.  

In 1894 kwam er een treinverbinding tussen Douarnenez en Audierne en  werden de bezoekers met paard en wagen meegenomen naar de Pointe du Raz en  begon het toerisme zich te ontwikkelen. In feite werd niet lang daarna in 1913 het Office de Tourisme opgezet . Het strand van Trescadec komt voor in werken van vele kunstenaars van Renoir tot Buffet.  

Deze nieuwe gouden eeuw van de handel ging gepaard met een belangrijk, ambitieus plan voor de vuurtorens en boeien om de scheepvaart te begeleiden bij de Mer d'Iroise naar de haven van Audierne. Het Cap Sizun gebied is bijzonder goed te bereiken met deze lichtgeleidingen: La Vieille vuurtoren op de Pointe du Raz, Tevennec vuurtoren (in de zee van de Pointe du Van), het Ile de Sein vuurtoren, Ar-Men vuurtoren (uit het Ile de Sein) ...  

De tweede helft van de 20e eeuw zag de snelle uitbreiding van een nieuwe vorm van visserij, waar lijn vissers, staandwantvissers en langelijnvisser zech nestelden tussen de pleziervaart.

Terug op de Skadi besluiten we om een extra rustdaje in te plannen na de toch wel heftige tocht van gisteren. Annelies een beetje in de zon, Peter zet de "oude" mailings om in PDF formaat en zet ze op de site zodat deze ook door anderen gelezen kunnen worden.

's Middags lopen we naar de Leclerc voor boodschappen en ontdekken we wederom ons huismerk, jawel een echte Lidl.

De Katten vermaken zich opnieuw in dit meeuwen paradijs en even zijn we bang dat Odin het water ingaat om een meeuw te pakken maar het gaat net aan goed.

Vanavond kijken we welke havens we nog willen aandoen voordat we in Lorient komen, het lijkt erop dat we morgen naar Loctudy gaan en dan nog naar Port La Forret en Concarneau kunnen voordat we door gaan naar Lorient.

We zien wel, we hebben nog steeds geen haast.

 
2015-08-07 15.20.55.jpg

7 augustus van L 'Aber Wrac"h naar Audierne

We maken om 10:00 uur los en varen in de regen de Aber uit. Tegen alle verwachting in is het bijna windstil en regen was ook al niet verwacht. We gaan op de motor om de hoek van Bretagne, prachtige zee met gelijkmatige golfjes. Bij nadering van het Chanal du Four zegt Peter: is dat nou alles? Appeltje eitje!

Dat nog niet gezegd of het razen begint. We gaan tot 10 knopen over de grond met de stroom mee maar met zwakke zuidenwind tegen en daar gaan de golven tegen de stroom wat opspelen. Opeens zijn we omringd door vierkante puntige botsende hotsende golven, we raken in de wasmachine van het Chanal du Four.

Annelies houdt zich stevog vast, er valt van alles beneden, ook al hebben we van alles opgeborgen. Peter neemt het stuur over en moet zich concentreren. Naast ons ook een kleiner schip dat als een eendje in een vollopende badkuip ligt te schommelen.

Als dit zo blijft gaan we naar Camaret, zegt Peter. Hij zegt dat niet gauw....

Een kwartier later: WE GAAN NAAR CAMARET !!! roept hij.

Dan is het opeens voorbij en we kijken elkaar aan: hè?

OK, navigatie bijgesteld en toch naar Audierne. De zee wordt rustiger, mede door de afnemende wind. Nu alleen nog de Raz du Sein trotseren. Maar met deze wind buigt de Skadi zich moeiteloos over de ruggen van water die langzaam onder de boot doorlopen. Beslist wel een Raz maar op dit moment gelukkig heel kalm.

De punt Pointe du Raz komt in zicht. Annelies kijkt er naar uit, niet alleen omdat we dan echt Bretagne om zijn, maar ook omdat dit een beroemd uitzichtpunt is en zeer geschikt voor wandeltochten. We zien ook allemaal kleine mensjes staan op de klifrand.

Langs een weer heel andere kustlijn dan voorheen, varen we naar Audierne. Wel met ruggen zee van opzij, maar Annelies doet maar net of ze in de auto over een heuvelweg rijdt en zit daarbij zijwaards op de tafel met de voeten  op de bank zodat de golven achter haar binnen komen en voor haar uit onder de boot weglopen. Zo is het nog een beetje vol te houden.

Audierne komt in zicht maar we zijn te vroeg. We moeten nog 45 minuten wachten om de haven in te kunnen. Dan komt er opeens een vissersboot opzij van ons liggen en de visser gebaart dat we achter hem aan moeten varen, hij zal precies door de geul varen met links en rechts de ondiepten,en wij moeten hem volgen. Behoedzaam zet Peter de motor in zijn werk en we gaan de lange geul binnen. Annelies kijkt constant op de dieptemeter. Als we door de engte heen zijn zwaait de visser, geeft gas en is weg en wij vinden onze aanlegplek in de haven naast een Lagoon 380, waar overigens heel chagrijnige Fransen op zitten die nog geen lijn willen aanpakken en 3 x zeuren dat de capitaine vast niet wil dat we naast hun aanleggen.

Nou toevallig hebben we de capitaine gebeld! En hij zei: Ponton 14 naast de lagoon.

Gelukkig telt de haven ook nog aardige Fransen en een opa met wit haar vraagt of het goed gaat met ons en gebaart: zo lig je goed hoor. En een andere buurman roept dat hij de elcriciteit wel zal aansluiten.

Het is koud en we eten toast met zalm en tapenade. Van eten koken komt niet veel. De katten hebben nog even buiten gelopen. Audierne is een meeuwen-walhalla: er drijven er tientallen  naast ons en de katten weten van gekkigheid niet waar ze het eerst moeten kijken. Er is mega internetverbinding, vandaar nu meteen dit verhaal. Uitbuiten dat internet want het kan zo weer afgelopen zijn voor dagen....

Peter upload alle foto's en synchroniseert dropbox en bekijkt het weer voor de Biskaje tochten. Wordt het dan eindelijk zomer?

Thee en een stukje nougat (nog van die 2 kilo uit St Vaast) en dan lekker slapen en dromen van het paradijs van Noord Biskaje.....

Welterusten.

 
Ook maar poetsen

4,5 en 6 augustus L 'Aber Wrac'h

Vanwege het slechte weer ofwel regen ofwel kou of allebei, is het geen pretje om met de fiets een stuk van dit landschap te gaan ontdekken. We wagen het er even op om naar de markt te rijden waar we wel lekkere kersen kopen en Annelies een mooie Afrikaanse kralenketting krijgt ( nee geen schoenen) maar vanwege de pijn in de onderrug houd Annelies zich koest, fietsen gaf enorme steken in heup en bil, en besluit over te gaan op Diclofenac natrium, paracetamol en een halfje Diazepam. Slaapt als een roos en wordt ontspannen wakker, waarna meteen wat oefeningetjes alhoewel niet forceren.

In de boot is het gezellig. Annelies is bezig aan de laatste verhalen uit het maandblad zeilen, waarin de avonturen staan van menige vertrekker. Nu hebben we 2 multobanden met tips, verhalen, routes en ervaringen van zeilers die in Europa hebben gereisd of verder. Dan begint Annelies ook aan de volgende blog. Regen doet blijkbaar wat met je....

Peter maakt een eerste opzet voor een boek over onze reis. De internet verbinding is weer treurig en als we 1 minuut opeens verbinding hebben gooien we de informatie hier op de site of zetten de Domino kort aan. Maar niet om foto's te synchroniseren want daarmee raakt je Domino-kaart meteen leeg.

Als de zon weer doorbreekt - een dag later -  maken we de boot schoon. Met de rug van Annelies gaat het beter en ze kan een beetje poetsen in de kajuit. Peter maakt alle gangboorden schoon en de kuip. Alle zwarte voetstappen van de mannen die over onze boot moesten lopen toen we gestapeld lagen, zijn eraf gewassen. Skadi blinkt weer.

Dan is het uitrekenen wanneer we het beste kunnen vertrekken. Aangezien de Regatta boten (106 stuks) terug kwamen vanwege de hoge golven, wachten wij ook onze beste kans maar af. Het plan is vrijdag door de twee stroomversnellingen heen te gaan: Chanal du Four en Raz du Sein. Maar Camaret als toevluchthaven in gedachte te houden.

Op donderdagavond vragen wij Adrie en Bram van de Nederlandse boot schuin tegenover ons op de borrel. Het is gezellig en leuk om verhalen uit te wisselen. We staan er versteld van wat een pech Bram heeft gekregen door de acute en daarna slepende gevolgen van medische aard en pech met de motor. Zij hebben bijna 2 jaar vast gelegen in Frankrijk en hebben besloten terug te gaan en hun reislust op een andere manier in te vullen. Zo zie je maar: het kan altijd anders lopen dan je denkt.

 
De wedstrijdvloot die terug kwam

3 augustus, L'Aber Wrac'h

Vandaag is maandag, dus schoonmaakdag volgens onze Nederlandse buren in de haven als Annelies buiten een kleedje uitklopt. Bijdehand.,, O! ", zegt Annelies....,,is het maandag dan?"

Als Annelies even op een knie het kleedje neerlegt zegt de rug : knak. Het is weer zo ver, misschien meteen maar een oefening doen...maar nee, in de loop van de ochtend gaat de rug/bil meer pijn doen.

De havenmeester heeft ons gevraagd de boot te verleggen want er komen 100 schepen van een regatta en onze pek is nodig. We krijgen box C58 en nadat 3 buren zijn vertrokken, reizende Fransman, Duits jong gezin (op proefvaart met het idee om volgend jaar een wereldreis met kids te maken) en de bijdehandte Nederlanders, hebben we ruimte om ons heen om te manoevreren en varen we naar de box. Een nieuw havenmeestertje komt zeggen dat we in C56 horen te liggen. Er volgt een discussie. Niet dat het zo moeilijk is je lijnen weer los te maken en 3 meter op te schuiven, maar in het algemeen zijn Nederlanders te hoffelijk en inschikkelijk en we hebben gaandeweg gemerkt dat Fransen gewoon eisen wat ze willen en dat ook krijgen. Dus nu houden we onze poot (boot) stijf! Even later komt hij schaapachtig lachend melden dat het toch wel goed is.

Het is motregenachtig, bewolkt en koud maar niet zo koud als voorheen met die nare Noordelijke wind. Annelies heeft even heel rustig aan gedaan en de grootste insapnning was proberen op te staan. Na enkele ibuprofens en paracetamolletjes lijkt hetbeter te gaan en wil Annelies er even uit. We fietsen naar Leclerc, maar de fietstocht is toch pijnlijker dan verwacht ook al gaan we 100% electrisch. Opstappen en afstappen geeft Annelies flink pijn, en ze stiefelt met Peter mee in de Leclerc. Terug naar huis gaat het wat beter. De zon breekt door en werpt mooi avondlicht op de vlaggen van de zeilboten.

Vandaag is ook de Navionics kaart met UPS afgeleverd bij hetb havenkantoor. We proberen hem meteen uit in de Plotter: ja zeg: heel Spanje, Portugal, Balearen, Corsica, Sardinie, Gran Canaris, Madeira en Marokko staat er in. Nu nog goede wind en golven en dan gaan we Bretagne om.

Het bijzondere van alles is dat we niets plannen en gewoon zien waar we uitkomen en incroyablement zijn we op 12 augustus nabij Lorient, zoals gehoopt, om Brian en Babette op de boot te ontvangen en het Keltisch festival samen te bezoeken. Geen haast gehad, niet speciaal rekening mee gehouden, maar onverwacht toch gelukt volgens een soort van plan.

 

 
De 2 vuurtorens van Ile de Vierge

2 augustus, fietstocht naar Ile de Vierge

De eerste Virgin Island vuurtoren werd gebouwd tussen 1842 en 1845. Het is voor de eerste keer in gebruik genomen op15 augustus 1845, hetzelfde jaar waarin ook de vuurtoren van het eiland Wrac'h em he licht op de Plouguerneau klokkentoren aan de markin gebruik werden genomen om ingang van de Aber Wrac'h aan te geven. Deze vuurtoren werd al als achterhaald omdat er onvoldoende bereikis  (18 mijl) gezien het belang van het maritiem verkeer bij de ingang van het Engelse Kanaal.

De tweede vuurtoren werd gebouwd tussen 1897 en 1902 op het eiland, het heeft een bereik van 27 mijl (52 km); Het licht werd voor het eerst op 1 maart 1902 ontstoken. De vuurtoren, met een hoogte van 82.50m is de hoogste in Europa en één van de meest opmerkelijke in Frankrijk. Het werd gebouwd om het witte licht van de toren zo ver mogelijk te laten schijnen. De taps toelopendetoren staat op de granieten bodem. Het toren bevat een zwevende trap van 397 treden. Binnenin beschermen 12.500 azuurblauwe opaline platen, die rechtstreeks uit de fabrieken van Saint-Gobain komen, de toren tegen vocht.

Alle buitenbeplatingen, trappen, banden, beugels, kroonlijsten werden uitgevoerd in steen uit Kersanton. Deze rots van grijs-blauwe kleur, gewonnen rond Logonna, is beroemd om zijn compactheid en kracht. De bewakers van Ile de Vierge, waren verantwoordelijk waren voor het toezicht op de tien lichten gelegen tussen de Créac'h vuurtoren (Ouessant) en die van het eiland Batz.

We hebben niet echt een goed routekaartje, meer een indicatiekaartje van 2 fietsroutes maar of dat over een fietspad gaat of een weg is niet duidelijk. We besluiten zoveel mogelijk langs de kust te gaan maar ergens tussen de maisvelden is het niet meer duidelijk waar we zijn. Het barst hier van de gehuchten met namen zoals Kerovan en Ker An of omgekeerd en de kaart laat die niet zien. Wel mooie huizen zeg! Villa's in Bretonse stijl met enorme tuinen.

Dan komen we opeens op de D113 en volgen die naar het noorden. Een prachtige weg omhoog met dennebomen rechts en palmen links, geweldige combinatie van flora. We bereiken een hoog uitzichtpunt en overzien de hele Aber. Het doet Moezelachtig aan maar zee in de verte en palmbomen, Tamarindes en Coniferen maken het verschil. We komen in dorp Plouganeau met alweer een enorme kerk en een druk kruispuntje met een boulanger en twee bars die allemaal open zijn. We strijken verhit neer, want het is warempel een warme dag vandaag! Als u een taartje wilt mag u dat gerust kopen bij de bakker, zegt de bar-eigenaar, en het op mijn terras opeten bij de koffie hoor. Lachen zeg, stel je voor dat je dat in Zoetermeer doet: je koopt een punt bij Jongerius en gaat op het terras van een koffietent zitten om daar de koffie te bestellen.

Na alle gekke, dikke, buitenlandse, lokale, slonzige of mondaine mensen te hebben bekeken fietsen we door naar de kust voorbij gehucht Lilia en bereiken door akkers, villawijken en duinachtig gebied, de drooggevallen baaien. Hier stuiten we opnieuw op de G34 Dounepad en we volgen het met de fiets aan de hand. We komen langs een waarlijk Frans vakantieoord verspreid liggend tussen kleine campings en 2e huizen en vast alleen bekend bij insiders.

De beroemde vuurtorens zien we in de verte liggen vanaf de punt Kastell'ach We eten ons brood op een rots en genieten van het uitzicht van het droogvallende rotsachtige strand met azuurblauw en turqoise waterpoeltjes In de verte. We zien daar piepkleine mensjes worstelen om de rotsen en droogvallend (vast blubberig) wad over te klauteren naar de vuurtoren. Wij houden het bij bekijken vanaf onze rots. We nemen een snellere route terug naar Plouganeau-wel altijd even uitkijken want dit is de doorgaande weg en men rijd en hard. Bij Plouganeau nemen we de D113 weer door de prachtige bosrijke omgeving met de brug over de Aber.

 
Baai bij L'Aber Wrac'h

1 augustus, L'Aber Wrac'h

Helaas : UPS levert niet op zaterdag in Frankrijk. Niet alleen houd men zich hier aan dagelijkse sluitingstijden van winkels en daarna horeca, ook de post laat het afweten.

We verwachten de ge-updatete kaart voor de Plotter dus op zijn vroegst op maandag middag en we zouden dan met het juiste tij op dinsdagochtend door het Chanal du Four kunnen gaan, zij het echter dat de wind verkeerd staat en/of de golven te hoog zijn. Geduld. Maar geduld brengt ons de mogelijkheid om het schitterende land van de Abers te zien met zijn inhammen die op Caraibische baaien lijken.

De Aber Wrac'h, de langste van de 2 Abers, stoomt over 33 Km voordat ze in het kanaal uitmondt. Langs haar route kunnen bezoekers prachtige plekken bezoeken waaronder het al eeuwenlang bekende Pont de Diable en Pont Krac'h (Devils Bridge) of Cézon eiland met zijn fortificaties wat het strategisch belang bewijst sinds de tijd van Vauban tot aan de tweede wereld oorlog.

Aan het eind van de Aber Wrac'h, waar de rivier de zee instroomt, ligt de Aber Wrac'h marina, in 2007 gebouwd, een uniek watersport centrum en een geweldige plek als tussenstop in het land van de Abers. Het Centre de Voiles de läberwrac"h heeft een uitgebreid veelzijdig aanbod van tochten met een Catamaran of een zeekayak tot windsurfen en activiteiten voor kinderen.

De Aber Wrac'h Semaphore, hoewel hij geen dienst meer doet als uitkijkpost, biedt een spectaculair uitzicht over de riviermonding met zijn vele inhammen en de vuurtoren van Vierge op de achtergrond.

 

 

Logboeken eerste helft van augustus

SKADI GOES "GREECE" Skadi heeft de Peloponnesos gerond en ligt in Crotone Calabrië. Wij zijn na 2 dagen autorijden thuis in Vlissingen aangekomen. Ons blog wordt de komende dagen bijgewerkt

 

 

Zeemeermensen

Nieuws over onze reis en onze site

Croatia news:

The advices of numerous boaters, owners and users of vessels as well as participants of the nautical sector in Croatia have been taken into account, and the tourist taxes for the year 2019 have been reduced up to 60%. The largest reduction is foreseen for flat-rate tourist taxes for the period of one year.

Skadi nieuws:

Komende maanden wordt geupdated op onze website: de alinea ankeren/havens/peloponnesos oost en zuid alsmede Ionische eilanden en vasteland

Komende maanden wordt geupdate onze Google routekaart---> SY Skadi routes 2018 en 2019 Griekenland

Plan 2020 Terug naar Kroatië. Plan 2021: Sardinië/Corsica/noordwest Italië/Monaco/Marseille/Barcelona. Zomerstop. Zuid Spanje/Canarische Eilanden tot maart 2021.Plan 2021: Canarische eilanden, Madeira, Azoren

Nieuwsbrieven: Wij schrijven momenteel de nieuwsbrief Griekenland en deze wordt dus binnenkort uitgestuurd. Wil je ook de meest recente nieuwsbrief onvangen geef dan links onderaan deze pagina je e-mailadres op.

9 februari 2019 geven wij een lezing over Griekenland op de Middellandse Zee-dag van Toerzeilers.

Skadi in de Literatuur

De Skadi, en wij, worden een paar maal vermeld in literatuur van zeilbladen en watersport sites. Hieronder kan je de verhalen teruglezen.

Skadi in Zilt 129

Skadi in Nauticlink editie 147 - februari 2017

Bezoekers vandaag: 50Laatste wijziging: 30-10-2018